Bondia Aruba

news_item
Click to read more

Centrale Ban van Aruba (CBA) – Executive Director

about 11 hours ago

www.bondia.com
news item

Centrale Ban van Aruba (CBA) – Executive Director

about 11 hours ago
news_item
Click to read more

Regering kondigt nieuw beleid voor short-term vacation rentals aan; Eigenaren krijgen drie maanden de tijd om zich te registreren

about 12 hours ago

Tijdens een live uitgezonden persconferentie op donderdag heeft de regering een nieuw beleid voor short-term vacation rentals aangekondigd. Dit beleid komt voort uit de noodzaak om de groei van de sector in evenwicht te brengen met de gevolgen die deze de afgelopen jaren heeft gehad voor andere sectoren op Aruba. Met de aankondiging start de

www.bondia.com
news item

Regering kondigt nieuw beleid voor short-term vacation rentals aan; Eigenaren krijgen drie maanden de tijd om zich te registreren

about 12 hours ago

Tijdens een live uitgezonden persconferentie op donderdag heeft de regering een nieuw beleid voor short-term vacation rentals aangekondigd. Dit beleid komt voort uit de noodzaak om de groei van de sector in evenwicht te brengen met de gevolgen die deze de afgelopen jaren heeft gehad voor andere sectoren op Aruba. Met de aankondiging start de regering de eerste fase van het beleid, die gericht is op formele registratie en gegevensverzameling.

Registratiesysteem en beoordeling

Tijdens de persconferentie erkenden de ministers het belang van de sector van vakantieverhuur, die al jarenlang actief is op het eiland. Tegelijkertijd benadrukten zij dat er een evenwicht moet worden gevonden zonder investeerders te benadelen die al actief zijn of al aanzienlijke bedragen hebben geïnvesteerd in plannen voor een vakantieverblijf.

Volgens minister van Economische Zaken Geoffrey Wever is het nieuwe beleid erop gericht de sector verantwoordelijker te laten functioneren, op basis van duidelijke regels en met respect voor bestaande rechten van investeerders. Het beleid moet met andere woorden een evenwicht vinden waarbij rekening wordt gehouden met bestaande en operationele accommodaties. Registratie van alle vakantieverblijven vormt hiervoor een belangrijke basis.

De regering heeft alle eigenaren van vakantieverblijven opgeroepen hun accommodaties vanaf 1 november 2026 te registreren. De registratieperiode duurt drie maanden. Minister Wever legde uit dat registratie noodzakelijk is voor zowel accommodaties die momenteel in gebruik zijn als accommodaties die nog niet operationeel zijn, maar waarin al een groot deel van de geplande investering is gedaan.

Voor deze tweede groep is het belangrijk alle relevante informatie aan te leveren waarmee kan worden aangetoond dat daadwerkelijk al aanzienlijke investeringen zijn gedaan.

Personen die slechts een eerste concept hebben voor een vakantieverblijf, dus wel het voornemen of idee hebben maar nog nauwelijks hebben geïnvesteerd, komen niet in aanmerking voor het nieuwe beleid.

Zoals minister Wever benadrukte, wordt de ontwikkeling van nieuwe vakantieverblijven voorlopig volledig stilgelegd. De minister voegde eraan toe dat de regering eerst wil vaststellen hoeveel accommodaties er op het eiland zijn. Daarna wordt beoordeeld of verdere ontwikkeling kan worden toegestaan.

Tegelijkertijd werd benadrukt dat registratie niet automatisch betekent dat een vergunning wordt verleend.

Na afloop van de registratieperiode begint de regering met de beoordeling van iedere afzonderlijke situatie om te bepalen of legalisatie mogelijk is. Volgens de toelichting tijdens de persconferentie vallen geregistreerde accommodaties onder een tijdelijk gedoogkader.

Dit betekent dat de regering accommodaties tijdens de beoordeling niet zal verhinderen hun activiteiten voort te zetten.

Zoals minister Wever uitlegde, bestaat de beleidsstrategie uit vijf fasen, te beginnen met registratie. Vervolgens zal een taskforce, bestaande uit deskundigen van de ministeries van Infrastructuur, Toerisme, Economische Zaken en Volksgezondheid, de bestaande exploitatierechten controleren, de mogelijkheden voor legalisatie beoordelen en vaststellen wat in iedere afzonderlijke situatie nog ontbreekt.

Tot slot zullen de noodzakelijke wijzigingen in het ROP en ROPv worden doorgevoerd om de legalisatie volledig mogelijk te maken.

ROPv als belangrijkste instrument

In de eerste fase van het nieuwe beleid vormt registratie de basis voor toekomstige beoordelingen en beleidsmaatregelen. Het beleid voor vakantieverhuur, en voor ruimtelijke ontwikkeling in het algemeen, zal volgens minister van Infrastructuur René ‘Baba’ Herdé ook worden gebaseerd op wat het Ruimtelijk Ontwikkelingsplan met voorschriften (ROPv) toestaat.

Voor de beoordeling worden de accommodaties onderverdeeld in de volgende categorieën:

Groene categorie: Hieronder vallen gebieden die in het ROPv zijn aangeduid als Centrum Oranjestad, Havenfront Oranjestad, Centrum San Nicolas, Toeristisch gebied Westkust en Toeristisch gebied Oostkust.

De beoordeling binnen deze categorie richt zich op kwaliteit, gebruik en legalisatie. Waar nodig worden wijzigingen van het ROPv voorbereid op grond van artikel 7.7 om legalisatie mogelijk te maken.

Gele categorie: Hieronder vallen gebieden met de bestemmingen Stedelijk woongebied, Woongebied met waarden en Transformatiegebied. In deze gebieden wordt onderzocht of legalisatie mogelijk is. Op basis van het ROP en ROPv wordt vastgesteld onder welke voorwaarden vakantieverhuur kan worden toegestaan.

Rode categorie: Deze omvat gebieden die zijn aangewezen als Natuur en Landschap, Strand, Landelijk gebied, Luchthaven, Bedrijventerrein Barcadera/San Nicolas, Marinegebied en Marinezones. In het algemeen is legalisatie in deze gebieden niet mogelijk. Er kunnen echter uitzonderingen bestaan, die per geval worden beoordeeld.

De nadruk op de mogelijkheid om het ROPv te wijzigen is bijzonder opvallend. De regering legde echter uit dat iedere wijziging op concrete informatie moet worden gebaseerd. Ook werd benadrukt dat dit proces tijd zal kosten. Voor wijzigingen die verband houden met de legalisatie van bestaande accommodaties kan de procedure volgens Herdé ongeveer zes maanden duren.

Tegelijkertijd kondigde de regering aan dat ook een volledige herziening van de regelgeving mogelijk is. Een dergelijke procedure kan tot twee jaar duren en vereist een aanpak waarbij de opvattingen van de bevolking worden betrokken.

Zoals werd uitgelegd, begint de procedure met een informatiefase. Tijdens deze fase wordt de Arubaanse gemeenschap geïnformeerd over de voorgenomen wijzigingen en krijgen verschillende groepen uit uiteenlopende sectoren de gelegenheid hun wensen kenbaar te maken. Daarna volgt de ontwerpfase, waarin deskundigen de verzamelde informatie gebruiken om een nieuwe ruimtelijke indeling van Aruba uit te werken, aldus minister Herdé. Ook in deze fase krijgt de gemeenschap de mogelijkheid haar standpunten naar voren te brengen, waarna waar nodig aanpassingen kunnen worden gedaan.

Uiteindelijk wordt een nieuw wetsvoorstel opgesteld dat aan het parlement zal worden voorgelegd.

Minister Herdé legde uit dat deze procedure tijd zal kosten, omdat de betrokkenheid van inwoners noodzakelijk is. Daarnaast benadrukte de minister dat de integrale herziening bedoeld is om de ontwikkeling van alle sectoren te stimuleren, van toerisme tot sport.

Bijzondere aandacht voor Oranjestad en San Nicolas

Het ROPv speelt ook een belangrijke rol bij de plannen van de regering om de stadscentra van Oranjestad en San Nicolas verder te ontwikkelen. Momenteel staat het ROPv een beperkt aantal van 100 eenheden toe. De regering benadrukte echter dat het de bedoeling is dit aantal uit te breiden om meer inwoners en ondernemers naar deze gebieden te trekken. Volgens minister Herdé wil de regering gemengde ontwikkeling stimuleren, waarbij woningen, commerciële activiteiten en vakantieverblijven worden gecombineerd.

Voor Oranjestad geldt als indicatieve doelstelling een verhouding van 40 procent vakantieverhuur en 60 procent woningen. Voor San Nicolas is een aandeel van 40 tot 80 procent vakantieverhuur genoemd.

Benadrukt moet worden dat hierover nog geen definitieve beslissing is genomen. Zoals minister Geoffrey Wever uitlegde, moeten de uiteindelijke besluiten worden gebaseerd op het aantal eenheden dat al bestaat. De percentages staan dus nog niet vast, maar geven wel aan in welke richting de regering deze gebieden verder wil ontwikkelen.

Een ander initiatief om Oranjestad en San Nicolas verder te ontwikkelen, betreft boutiquehotels, zo maakten minister van Toerisme Wendrick Cicilia en minister van Innovatie Gerlien Croes bekend. Volgens de toelichting zal de regering in de stadscentra van Oranjestad en San Nicolas uitsluitend aan dit type accommodatie de voorkeur geven.

Sector krijgt eindelijk de nodige aandacht

Het nieuwe beleid komt tegen de achtergrond van groeiende bezorgdheid over het gebrek aan regulering van short-term vacation rentals.

Bon Dia Aruba heeft in het verleden uitgebreid over deze kwestie bericht, evenals over de negatieve gevolgen die de ontwikkeling van deze sector heeft gehad voor andere sectoren en voor inwoners van Aruba.

Bij de aankondiging van het nieuwe beleid erkende de regering eveneens de uitdagingen die de sector met zich meebrengt, maar wees zij tegelijkertijd op de voordelen ervan.

Zoals minister Cicilia benadrukte, heeft vakantieverhuur op het eiland kleine economische activiteiten en inkomstenstromen gecreëerd en een onmisbare rol gespeeld in de Arubaanse economie.

Tegelijkertijd vereist de ongereguleerde ontwikkeling van de sector dringend beleid om een evenwicht te bereiken.

Met dit doel voor ogen kondigde minister Croes aan dat de ministerraad heeft besloten wijzigingen door te voeren in de belastingen voor buitenlanders die op Aruba een woning kopen. Daarbij werd aangegeven dat voor deze groep wijzigingen zullen worden aangebracht in de overdrachtsbelasting en de grondbelasting. De regering hoopt dat hierdoor meer mogelijkheden ontstaan voor Arubaanse burgers om aan deze sector deel te nemen.

Officiële registratie biedt ondernemers daarnaast een erkende en controleerbare mogelijkheid om hun diensten via internationale platforms aan te bieden. Minister Croes benadrukte dat het proces hiervoor al in gang is gezet.

Zoals aangekondigd kunnen eigenaren van vakantieverblijven hun accommodaties vanaf 1 november registreren via een onlineplatform dat binnenkort beschikbaar wordt gesteld.

Eigenaren moeten daarbij hun naam, contactgegevens, de locatie van de accommodatie en de periode waarin deze operationeel is geweest, opgeven.

 

news_item
Click to read more

Asina bon… nos Papiamento ta…? Ta Spaño… o Portugues…?

about 12 hours ago

Den e edicion aki di nos column tocante Papiamento, atencion ta bay na un tema cu a bin dilanti na varios momento durante e añanan di nos publicacion, pero cu ta keda fascina y cada vez cu detaye nobo. Esaki no ta conta solamente pa nos idioma skirbi, sino tambe pa nos forma di pronuncia

www.bondia.com
news item

Asina bon… nos Papiamento ta…? Ta Spaño… o Portugues…?

about 12 hours ago

Den e edicion aki di nos column tocante Papiamento, atencion ta bay na un tema cu a bin dilanti na varios momento durante e añanan di nos publicacion, pero cu ta keda fascina y cada vez cu detaye nobo. Esaki no ta conta solamente pa nos idioma skirbi, sino tambe pa nos forma di pronuncia cierto palabra, cu na promer momento por parce di tin origen den ambos idioma, pero unda nos pronunciacion ta alerta nos pa un origen mas leu den historia, definitivamente Portugues. Aki ta trata mas tanto di palabra cu ta pertenece na un vocabulario basico, tumando na cuenta cu durante gran parti di existencia di e idioma no tabatin educacion, ni den Papiamento ni den otro idioma tampoco, pa gran parti di e poblacion di e tempo ey. Nos ta topa suficiente ehemplo aki caba. Pa cuminza, nos pronunciacion di e palabra ‘no’ en realidad te awe ta parce mas e ‘não’ Portugues cu e ‘no’ Spaño, aunke nos ta skirbie asina.

Otro palabra basico cu sigur tabata den nos vocabulario desde promer momento ta e palabra ‘mas’. Aki ta importante tuma na cuenta cu tanto den Portugues como Spaño e palabra tin dos significado diferente. Un ta e ‘mas’ di Spaño, skirbi ‘más’, cu tin su equivalente di Portugues: ‘mais’. Pero awor e otro caso: ‘mas’ na Spaño, sin acento, ta mescos e ‘mas’ Portugues cu ta equivalente di e ‘pero’ Spaño, cu no ta existi na Portugues. Kico ta e caso awor den nos Papiamento? Cu di antaño nos ta usa e ‘mas’ hopi mas na lugar di ‘pero’ aunke nos tin tur dos. Nos tin e impresion cu e uso diario di ‘mas’, hopi biaha den papia abrevia te ‘ma’, a bira di menos uso. Sigur entre nos hendenan di mas edad nos por tende su uso si na cualkier momento: “Ma mucha, mi’n bisa bo bin cas mesora despues di scol?”

Otro palabra di cual nos ta sospecha cu e tabata den e contribucion original Portugues ta e palabra ‘convida’ (den nos Vocabulario oficial: combida), cu den nos Papiamento actual a haya acompañamento di e ‘invitar’ Spaño. Su origen etimologico ta di Latin medieval: ‘convitāre’ combina cu ‘invitāre’. ‘Convitāre’ tabata referi originalmente na invita un persona pa bay come hunto. Despues na Spaño a opta mas pa e ‘invitare’ mientras cu Portugues a keda mas cu e ‘convitare’. Por añadi cu e verbo ‘convidar’ ta existi na Spaño, pero no ta di uso regular. E verbo di mas uso na Spaño ta ‘invitar’ loke cerca nos tambe a haya mas uso tambe, sigur den ultimo decadanan. Ademas nos no ta usa e sustantivo ‘convite’ cu ta pertenece na e verbo ‘convida’, aunke den nos Vocabulario nos ta topa cu ‘combidamento’, cu realmente ta parce nos un palabra cu no ta di uso general. Di tur manera, awendia e palabra mas usa ta ‘invitacion’. Hasta nos por tende un persona bisa: “Nan a keda di convida mi, ma’ mi no a haya niun invitacion mas.”

Un detaye interesante mas: den e vocabulario di Criol di Guine Bissau nos ta haya e verbo aki tambe: ‘kombida’ y ‘kombidadu’, pero tampoco un sustantivo cu ta representa e ‘invitacion’. Esaki ta yama nos atencion pasobra otro palabra di e mesun pagina, manera ‘kombina’ tin si su sustantivo ‘kombinasson’ (‘combinacion’ na Papiamento), tambe ‘kombersa’ y ‘kombersasson’ (‘conversa’ y ‘conversacion’).

Y ya cu nos ta buscando den diferente fuente, nos ta ripara cu cierto palabra di uso comun awendia no ta aparece – ainda – den nos Vocabulario oficial, por ehemplo: ‘contundente’ y ‘contundencia’ cu ya nos ta topa regularmente den nos trabao periodistico y cu obviamente nos no ta traduci. Tampoco un palabra manera ‘convincente’ aunke si ta presente ‘convence’, ‘convenci’ y ‘convenciendo’. En todo caso, semper mayoria di adopcion di palabra den cualkier idioma ta sucede den silencio, y esey lo keda asina tambe.

 

news_item
Click to read more

CUA: Overheid moet eerst eigen kosten verlagen voordat zij eisen stelt aan ondernemers

about 12 hours ago

De Arubaanse overheid moet onderzoeken hoeveel inkomsten zij ontvangt uit belastingen en staatsbedrijven voordat zij van ondernemers verlangt dat zij meer doen om de kosten van levensonderhoud te verlagen. Dat was de centrale boodschap van Frans Ponson, voorzitter van Comerciantenan Uni Aruba (CUA), tijdens een persconferentie deze week. Ponson bekritiseerde wat volgens hem een ongelijke

www.bondia.com
news item

CUA: Overheid moet eerst eigen kosten verlagen voordat zij eisen stelt aan ondernemers

about 12 hours ago

De Arubaanse overheid moet onderzoeken hoeveel inkomsten zij ontvangt uit belastingen en staatsbedrijven voordat zij van ondernemers verlangt dat zij meer doen om de kosten van levensonderhoud te verlagen. Dat was de centrale boodschap van Frans Ponson, voorzitter van Comerciantenan Uni Aruba (CUA), tijdens een persconferentie deze week.

Ponson bekritiseerde wat volgens hem een ongelijke verhouding is tussen de overheid en het bedrijfsleven. Terwijl ondernemers regelmatig verantwoordelijk worden gehouden voor hoge prijzen en onder druk worden gezet om hun winstmarges te beperken, blijft de overheid volgens Ponson aanzienlijke inkomsten ontvangen uit essentiële producten en diensten.

Zijn kritiek komt te midden van discussies over het bestaansminimum op Aruba, het minimale inkomen dat nodig is om de basiskosten van levensonderhoud te dekken, en mogelijke maatregelen om de koopkracht te verbeteren.

Volgens Ponson kunnen deze discussies niet los worden gezien van de prijzen van elektriciteit, water, benzine en internet, voorzieningen die voor ieder huishouden noodzakelijk zijn.

Hij benadrukte dat de overheid via staatsbedrijven en belastingen aanzienlijke invloed uitoefent op deze sectoren. Anders dan gewone ondernemingen hebben deze bedrijven volgens Ponson geen concurrentie.

Benzineprijzen

Om zijn standpunt te onderbouwen, presenteerde Ponson documenten en berekeningen over de benzineprijzen.

Hij legde uit dat tankstations benzine inkopen voor ongeveer Afl. 2,50 per liter en deze mogen verkopen voor Afl. 2,91 per liter, volgens de gereguleerde prijs die door het Departement van Economische Zaken wordt vastgesteld.

Volgens Ponson omvat de prijsopbouw accijnzen en twee rondes BBO-heffing.

Hij verklaarde dat de overheid ongeveer 71 cent per liter aan belastingen ontvangt, terwijl de verschillende belastingcomponenten en de inkomsten van de staatsleverancier van brandstof, FMSA, aanzienlijk bijdragen aan de uiteindelijke prijs die consumenten betalen.

Op basis van zijn berekeningen stelde Ponson dat ongeveer 40,3 procent van de verkoopprijs van benzine kan worden toegeschreven aan overheidsgerelateerde inkomsten en belastingen, inclusief een berekende marge voor staatsleverancier FMSA.

Ter vergelijking bedraagt de toegestane marge voor tankstations volgens Ponson ongeveer 7,3 procent van de verkoopprijs.

Hij benadrukte dat tankstations deze marge moeten gebruiken om hun bedrijfskosten te dekken, waaronder huur, onderhoud, schoonmaak en andere uitgaven die gepaard gaan met de exploitatie van een onderneming.

Volgens Ponson ontstaat hierdoor een oneerlijke situatie, waarin particuliere bedrijven te maken hebben met concurrentie en operationele kosten, terwijl de overheid inkomsten ontvangt via belastingen en een staatsleverancier.

De percentages die tijdens de persconferentie werden gepresenteerd, zijn door Ponson berekend op basis van officiële documenten van de Belastingdienst.

Zijn bredere argument was dat de overheid niet redelijkerwijs van ondernemers kan verlangen dat zij hun winsten verlagen zonder eerst haar eigen aandeel in de consumentenprijs te onderzoeken.

Hogere prijzen, hogere overheidsinkomsten

Ponson stelde ook vragen bij de gevolgen van procentuele belastingen voor de overheidsinkomsten wanneer consumentenprijzen stijgen.

Hij legde uit dat wanneer de waarde van een belast product toeneemt, ook het bedrag aan geïnde belasting stijgt. “Wanneer een prijs op Aruba stijgt, wie verdient er dan meer geld? De overheid”, aldus Ponson.

Hij illustreerde dit met een vergelijking tussen benzineprijzen van Afl. 2 en Afl. 3 per liter. Volgens Ponson stijgt het bedrag dat via de twee BBO-heffingen wordt geïnd naarmate de prijs toeneemt.

Ponson verwees ook naar de mogelijkheid dat de benzineprijs volgende week zou stijgen tot Afl. 3,15 per liter. Hij presenteerde dit echter als een verwachting en niet als een officieel bevestigde prijsaanpassing.

Daarnaast plaatste hij vraagtekens bij de nadruk die de overheid legt op begrotingsoverschotten, terwijl huishoudens moeite blijven houden om essentiële producten en diensten te betalen.

Volgens Ponson moeten discussies over koopkracht ook betrekking hebben op de inkomstenstructuur van de overheid, met name belastingen en accijnzen op producten die consumenten in de praktijk nauwelijks kunnen vermijden.

Hij stelde bovendien dat de overheid moet kijken naar de dividenden die zij ontvangt van staatsbedrijven, om te beoordelen of er ruimte bestaat om de financiële lasten voor consumenten te verlichten.

Overheid moet het goede voorbeeld geven

Ponson was bijzonder kritisch over voorstellen waarbij particuliere ondernemingen extra kosten moeten dragen om consumenten te beschermen.

Hij verwees naar inspanningen om de prijzen van producten binnen de Canasta Basico, het pakket van essentiële levensmiddelen en producten, te reguleren. Daarbij vroeg hij zich af waarom vergelijkbare aandacht ontbreekt voor de tarieven die staatsbedrijven in rekening brengen.

Volgens Ponson krijgen ondernemers regelmatig te horen dat hun winstmarges beperkt moeten blijven omdat de bevolking betaalbare producten nodig heeft.

Ponson beschuldigde de overheid ervan vrijgevig te willen zijn op kosten van particuliere ondernemers, in plaats van haar eigen middelen te gebruiken om verlichting te bieden. Zijn boodschap was dat de overheid eerst moet onderzoeken waar zij haar eigen belastingen, tarieven en accijnzen kan verlagen voordat zij aanvullende verantwoordelijkheden bij het bedrijfsleven neerlegt.

Ponson waarschuwde daarnaast tegen de invoering van brede maatregelen zonder voorafgaand gedegen onderzoek naar de economische gevolgen. Hij verwees daarbij specifiek naar de discussies over het bestaansminimum en een verhoging van het minimumloon.

Hoewel hij erkende dat het belangrijk is mensen te helpen die hun basisbehoeften niet kunnen betalen, vroeg hij zich af of maatregelen die alle bedrijven en werknemers raken noodzakelijkerwijs de meest efficiënte oplossing zijn.

Elektriciteitssubsidies en Airbnb

Een ander belangrijk onderwerp tijdens de persconferentie was de elektriciteitsprijs en de manier waarop subsidies worden verdeeld.

Ponson stelde dat zakelijke elektriciteitsgebruikers in feite bijdragen aan de subsidiëring van lagere tarieven voor huishoudelijke gebruikers. Volgens hem zorgt deze regeling voor een extra financiële last voor ondernemers, die al met hogere bedrijfskosten worden geconfronteerd.

Hij vroeg zich af of het redelijk is dat zakelijke gebruikers meebetalen aan elektriciteitssubsidies waarvan ook woningen profiteren die worden gebruikt voor kortdurende vakantieverhuur, ook wel short-term vacation rentals (STVR) genoemd.

Ponson verwees specifiek naar Airbnb-accommodaties, waaronder woningen die worden geëxploiteerd door personen buiten Aruba. Daarbij uitte hij zorgen over verhuuractiviteiten waarbij niet aan de belastingverplichtingen wordt voldaan.

Hij erkende dat niet alle STVR-exploitanten in deze categorie vallen.

Oproep tot onderzoek en samenwerking

Ponson benadrukte het belang van verantwoord economisch beleid en stelde dat de overheid onderzoek moet doen naar wie daadwerkelijk ondersteuning nodig heeft, welke subsidies gerechtvaardigd zijn en hoe voorgestelde maatregelen de prijzen zullen beïnvloeden. Zijn zorg betreft de manier waarop deze ondersteuning wordt georganiseerd en wie uiteindelijk de kosten draagt.

Zijn centrale boodschap is dat het verlagen van de kosten van levensonderhoud niet uitsluitend als een verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven mag worden beschouwd.

 

news_item
Click to read more

Comunicado di Parlamentario Hendrik Tevreden (MEP): E fondo di inversion a crea un sker grandi den coalicion

about 12 hours ago

Durante e reunion publico tocante e Fondo General di Inversion y Desaroyo (AIOF) den Parlamento, a mustra claramente cu e sosten politico dentro di e coalicion no ta algo cu Gobierno por considera automatico. Aunke e presupuesto a keda aproba cu 11 voto pro y 7 contra, e discusion aki a laga un pregunta fundamental

www.bondia.com
news item

Comunicado di Parlamentario Hendrik Tevreden (MEP): E fondo di inversion a crea un sker grandi den coalicion

about 12 hours ago

Durante e reunion publico tocante e Fondo General di Inversion y Desaroyo (AIOF) den Parlamento, a mustra claramente cu e sosten politico dentro di e coalicion no ta algo cu Gobierno por considera automatico. Aunke e presupuesto a keda aproba cu 11 voto pro y 7 contra, e discusion aki a laga un pregunta fundamental riba mesa: cuanto confiansa tin realmente den e manera cu Gobierno ta maneha e recursonan publico y ta duna cuenta na Parlamento?

Sker visibel den coalicion

E señal mas cla di e falta di cohesion a bini di Parlamentario Mike de Meza (AVP), kende a vota na fabor di e mocion di MEP pa exigi claridad di Minister Gerlien Croes tocante su vuelo den avion priva den e proximo dos simannan. Despues, el a bandona sala y no a participa den e votacion final di e presupuesto. Esey no ta significa cu e coalicion a cay, pero sí cu e unidad politico a haya un sker mas profundo y visibel.

Falta di prioridad y control den AIOF

Pa Parlamentario Hendrik Tevreden, e punto di salida di e preocupacion rond di e Fondo General di Inversion y Desaroyo (AIOF) ta radica den e falta di prioridad y control efectivo. El a enfatisa cu Fraccion di MEP no ta contra inversion, sino cu nan ta exigi claridad riba tres aspecto fundamental: cua necesidad di pueblo ta haya prioridad prome, riba ki criterio e escogencianan aki ta wordo fundamenta, y con Parlamento por controla e resultadonan.

E preocupacion aki ta haya apoyo di Raad van Advies, kende a cuestiona e fundeshi legal, e control riba e transferencianan di placa, e clasificacion di e proyectonan y e falta di un plan di inversion integra. Di tur dos banda di sala, tabatin duda profundo riba e maneho aki.

Proyectonan scogi a base di willekeur

Tin cierto criterionan cu a wordo menciona, pero e pregunta ta: con a aplica esakinan na cada proyecto? Unda e secuencia y e plan concreto ta? Cua ta e evaluacion cu ta demostra dicon un proyecto specifico ta haya prioridad, y ki resultado e ciudadano por spera?

Di 8 proyecto riba lista, 7 no a pasa door di un comision pa wordo controla; nan a bini riba lista sin ningun criterio cla (willekeur). E falta di control aki lo trece problema pa e placa di e fondo, cu na final ta placa di pueblo.

E nota di cambio ta presenta Afl. 59,502 miyon den inversion, di cual Afl. 33,294 miyon ta wordo financia. Gobierno ta spera di ricibi recursonan adicional y haci e ehecucion den diferente fase. Precisamente pa e motibo ey, e escogencianan mester ta transparente, manera cu propio Algemene Rekenkamer Aruba (ARA) a conseha Parlamento.

Aruba no por bolbe den un mentalidad di: “tin placa, ban busca unda pa gast’e”. Tampoco control di CAft por bira e unico motibo pa haci escogencianan responsabel. Nos propio Gobierno y Parlamento mester tin disciplina, prioridad y resultado.

Dunamento di cuenta, transparencia y e responsabilidad di Gobierno

E debate a pone un otro problema serio riba mesa: e falta di dunamento di cuenta di Minister Gerlien Croes. Via un mocion, fraccion di MEP a pidi pa e minister entrega informacion y prueba di pago di e vuelo priva den un plaso di dos siman. E mocion no a pasa. Sin embargo, e sosten di parlamentario De Meza a mustra cu e exigencia di transparencia no ta limita unicamente na oposicion.

E asunto aki awor tin un trayectorio hudicial habri pa determina ken a cubri e otro gastonan y si tabatin un regalo envolvi cu mester a wordo declara y aproba segun e reglanan di integridad. Politicamente, e situacion ta delicado: si e falta di transparencia aki persisti, con por sostene e confiansa den e minister ainda? un mocion di desconfiansa por bira e siguiente paso.

Prome Minister Mike Eman tambe tin e responsabilidad directo pa e manera cu su gabinete ta responde na Parlamento. E pueblo di Aruba merece informacion verificabel, decisionnan bon splica y lidernan politico cu ta duna cuenta.

E fondo a pasa. E preguntanan tocante control y confiansa a keda.